TOP

Kopverkenningen

Van emotie naar ratio

Auteur: Bas van Egmond

« ga terug 03-12-2014

Verantwoordelijkheid (o.a. vlgs. Jan Verplaetse).

Bij verantwoordelijkheid wordt voetstoots aangenomen dat iemand kan besluiten wel of niet zijn kamer te gaan opruimen, wel of niet te gaan stelen, wel of niet iemand dood te schieten enzovoort. Met andere woorden, men gaat er de jure onbekommerd vanuit dat de mens een vrije wil heeft. Maar velen van ons weten langzamerhand wel dat er grote twijfels zijn over het bestaan van de vrije wil. Persoonlijk denk ik op gronden die ik hier niet zal noemen dat deze er zeker niet is. Maar als die er niet is, hoe kan iemand dan in vrijheid handelen en hoe kun je hem rechtens daarvoor verantwoordelijk houden? Hij kan er immers ‘niets aan doen’.

Deze conclusie wringt ondragelijk. Het druist volkomen in tegen ons gevoel van rechtvaardigheid. Hoe kunnen we dit probleem dan wel oplossen? Waar we wat aan zouden kunnen hebben is het formuleren van een andere theoretische basis voor wat verantwoordelijkheid in wezen is.

Het blijkt (natuurlijk) dat ik niet de enige ben die op dit probleem gestoten is. Ook Jan Verplaetse – een filosoof en neurowetenschapper – zit daarmee in de knoop. Hij beschrijft in zijn boek “Zonder vrije wil” hoe hij geen kans ziet om deze knoop te ontwarren. Hoewel we weten dat het bij een gerechtelijke uitspraak ook om de benadeelde of het slachtoffer gaat, blijft deze volkomen uit het beeld van de huidige filosofische discussie over de vrije wil en de daaraan gekoppelde verantwoordelijkheid. Dit gebeurt ook weer in dit boek, terwijl het uiteindelijk vooral gaat om de genoegdoening van het slachtoffer.

Op een intelligente manier tracht hij het probleem van de vrije wil te schetsen door uit te gaan van een bepaald syllogisme. “Een syllogisme” – aldus Jan Verplaetse – “is een formele redenering die bestaat uit meerdere vooronderstellingen en een conclusie. Zo’n syllogisme is vormelijk geldig, er is logisch gezien geen speld tussen te krijgen. Als je de vooronderstellingen aanvaardt, moet je de conclusie ook aanvaarden.”

Er is voor het aantonen van het feit dat verantwoordelijkheid al of niet bestaat een prachtig syllogisme dat uit drie vooronderstellingen bestaat. Als je van dit syllogisme alle drie de vooronderstellingen aanvaardt, dan moet je tot de conclusie komen dat verantwoordelijkheid niet bestaat. Elke zichzelf respecterende filosoof hanteert dit syllogisme. Maar als je denkt dat dit leidt tot een sluitende, eensluidende conclusie over het al of niet bestaan van verantwoordelijkheid, dan vergis je je behoorlijk. Nee, het lijken wel religieuze fanaten die een “heilig” boek proberen te interpreteren. Door slim en ingewikkeld te redeneren komen ze allen tot andere conclusies met een Babylonische spraakverwarring als gevolg. En ieder verschanst zich in zijn eigen burcht. En dat is niet voor niets zoals zal blijken.

En Jan Verplaetse? Aan het eind van zijn boek blijft hij in totale verwarring achter. Hij weet het niet meer. Hij blijkt een harde incompatibilist te zijn. Dat betekent dat hij vindt dat verantwoordelijkheid uitgesloten is. Een misdadiger kun je dus niet verantwoordelijk houden voor zijn vergrijp. Hoe moet het dan filosofisch verder? Hij heeft de neurowetenschappers verweten dat ze conclusies trekken zonder goed na te denken. Want ze verzuimen logisch, lees filosofisch, na te denken. Maar in feite verwijt hij hen dat ze niet nadenken volgens het bovenstaande syllogisme. Maar daarmee verwijt hij hen om niet na te denken volgens een systeem waarin hijzelf niet gelooft en dat ook volgens hem nergens toe leidt! Het is fictie. Het slaat nergens op. Het gaat uit van een verkeerd systeem.

Hij beschrijft namelijk juridische begrippen als verwijtbaarheid, schuld, toerekening en verantwoordelijkheid vanuit het feit dat een wetsovertreder een vrije wil heeft, terwijl hij deze ontkent. Om toch nog een filosofische nooduitgang te hebben grijpt hij naar de ‘begrijpmodus’ […]. Bij een conflict kan “ook een harde incompatibilist zich ergeren. Woede is een basisemotie. Maar om oplopende conflicten te ontmijnen, leidt hij die gevoelens om naar vragen die meer inzicht bieden in de redenen of oorzaken van het conflict. Opheldering biedt een vluchtheuvel tegen al te krachtige emoties. Met die vluchtheuvel probeert hij van de verwijtmodus in de begrijpmodus te geraken. Hij tracht te begrijpen hoe het komt dat iemand hem pijn doet en te begrijpen wat het conflict veroorzaakte, zodat hij met behulp van die omgeleide emoties op een gepaste wijze kan reageren.”

Al eeuwen lang probeert de filosoof zich terug te trekken op deze begrijpheuvel van waaruit hij zijn emoties tracht te beteugelen. Onder andere Spinoza had hetzelfde “onmenselijk” advies. Maar meestal is dit fictie. Alleen hele lichte negatieve emoties zijn nog enigszins op deze manier in te tomen. Als de dwangimpuls van een emotie groter wordt, is het haast onmogelijk om in die begrijpmodus te komen. Zo werkt het niet in de dagelijkse praktijk. Waarom dit zo is, wordt uitgebreid in het boek “Kopverkenningen” uitgelegd.

Maar hoe kunnen we dan wel het vigerende juridisch systeem een filosofische basis geven? Ook dit wordt uitgebreid in “Kopverkenningen” uitgelegd, maar hieronder volgt een korte samenvatting ervan.

In de natuur geldt oog om oog en tand om tand. Dat was en is vaak ook nog altijd de werkelijkheid achter alle rechtskundige straftheorie. Voordat er überhaupt een taal was, werd er al terug geslagen als een organisme over de schreef ging. Dit is in de natuur nooit anders geweest en een verandering daarvan valt er ook niet te verwachten, ook niet bij de mens als onderdeel van die natuur. Want in feite geldt dat nog steeds,  alleen werd dit door intelligente lieden uit het verleden met een mooie saus van de vrije wil overgoten, die er dus m.i. niet is.

Waar draait het dan werkelijk om? In feite gaat het over de wederkerigheid, een functie van wat ik noem de “Wordingsdrift”, de kracht die het leven wil bestendigen en verbeteren (conatus). In deze zin gedacht moeten we het er niet over hebben dat iemand verantwoordelijk, maar wel de oorzaak van iets is. In de natuur wordt harder teruggeslagen dan de oorspronkelijke klap van de veroorzaker was. Men wil genoegdoening. Hij of zij moet veel lager op de ladder van de hiërarchie gedwongen worden, of zelfs dood geslagen worden.  Om herhaling te voorkomen. In de natuur is sprake van ongelijkwaardige wederkerigheid: men slaat harder terug dan de aanvankelijk geleden schade. De geboorte van een geweldsspiraal.

In een moderne maatschappij zoals we nu kennen, geldt deze eigenschap nog steeds. We willen nog steeds harder terug slaan dan het leed wat we geleden hebben. We willen nog steeds ongelijkwaardige wederkerigheid. Alleen hebben we om die geweldsspiraal te voorkomen de geweldsmonopolie in de handen van de overheid gelegd. In een moderne maatschappij is men tot de conclusie gekomen dat er sprake moet zijn van een gelijkwaardige wederkerigheid. Ofwel de genoegdoening van de slachtoffer moet gelijkwaardig zijn volgens niet betrokkenen. De overtreder heeft de verantwoordelijkheid om het slachtoffer een gelijkwaardige genoegdoening te doen. Hij heeft dus een schuld in te lossen. De rechter bepaalt de grootte van die schuld.

Die gelijkwaardigheid wordt onder andere verkregen door verzachtende omstandigheden aan te voeren. In feite berusten die op een andere functie van de wordingsdrift, namelijk de empathie. Hoe groot die empathie in de voorkomende situatie moet zijn hebben we grofweg democratisch vastgesteld in wetten, door toepassing van heersende zeden, gewoonten, normen en waarden die de rechter dient uit te voeren. Een subjectieve zaak dus.

Het probleem is altijd dat de slachtoffers bij toepassing van de empathie vaak dit niet als rechtvaardig aanvoelen. De natuur eist immers een ongelijkwaardige wederkerigheid. Hier ligt de kern van conflicten die slachtoffers vaak voelen als er in hun ogen een te lichte straf uitgesproken is.

Conclusie: verantwoordelijkheid en schuld zijn niet gebaseerd op de vrije wil, maar op wederkerigheid. En in een moderne, “rechtvaardige” maatschappij op gelijkwaardige wederkerigheid.

comments powered by Disqus